Project Description

Luke Harding: De Snowden Files
Nieuw Amsterdam Uitgevers, februari 2014
288 pagina’s
€19,95
***

Glenn Greenwald: De Afluisterstaat
Lebowski Publishers, mei 2014
333 pagina’s
€19,95
***

“Het spreken van de waarheid is geen misdaad”

Twee reconstructies van Edward Snowdens strijd tegen Big Brother

“Voor veel jongeren is het internet een middel voor zelfontplooiing. Ze kunnen er onderzoeken wie ze zijn en wie ze willen zijn, maar zoiets lukt alleen als we onbespied en anoniem kunnen blijven, als we vergissingen kunnen begaan zonder dat iemand ons op de vingers kijkt. Ik vrees dat mijn generatie de laatste is die die vrijheid heeft genoten,” zei Edward Snowden op 6 juni 2013 in het inmiddels beroemde interview op zijn hotelkamer in Hong Kong. Glenn Greenwald, de journalist van The Guardian die tegenover hem zat, realiseerde zich op dat moment: er is geen weg meer terug.

Dit voorjaar kwamen er twee boeken uit over de onthullingen van Edward Snowden: De Snowden Files van journalist Luke Harding en De Afluisterstaat van Greenwald, die zelf betrokken was bij het openbaar maken van de geheime documenten.

Pretty Good Privacy
Beide boeken openen met hoe Greenwald een van de grootste staatsveiligheidslekken uit de geschiedenis bijna aan zich voorbij had laten gaan. Sinds eind 2012 had hij al een aantal keer e-mails ontvangen van iemand die zich “Cincinnatus” noemde en zei dat hij belangrijke informatie voor de journalist had. Greenwald had op dat moment al een aantal jaren een journalistieke blog, waar hij zijn juridische achtergrond en zijn specifieke interesse in machtstheorieën kwijt kon. Om de zeer gevoelige documenten door te kunnen sturen, drong de mysterieuze e-mailer erop aan dat Greenwald eerst een programma zou installeren, genaamd PGP (“Pretty Good Privacy”). Dit zou ervoor zorgen dat hun communicatie versleuteld werd en niet afgetapt kon worden door derden. Greenwald wist niet hoe dat moest en had het druk. Bovendien twijfelde hij aan de relevantie van het verhaal; als onderzoeksjournalist kreeg hij wel vaker “sensationele scoops”, die later toch weinig bleken voor te stellen.

Pas in mei 2013, toen Greenwald in New York een lezing gaf en daar benaderd werd door een oude bekende, documentairemaakster Laura Poitras, kreeg hij een vermoeden van de ware omvang. Poitras had soortgelijke e-mails gekregen en deze heel serieus genomen. Ondertussen zat Edward Snowden gefrustreerd in een hotelkamer in Hong Kong te wachten, met vier laptops vol gelekte informatie van de Amerikaanse veiligheidsdienst. Uiteindelijk besluiten de twee in te gaan op zijn herhaalde verzoek naar hem toe te komen. Daar, in zijn hotelkamer, ontmoeten de twee begin juni de verlegen en onhandige Edward Snowden.

Via de achterdeur
Snowden had nooit een diploma behaald. Hij ontwikkelde zich als systeemontwikkelaar bij Microsoft, maar zijn grote kennis over ICT en zijn hoge intelligentie zorgden er al snel voor dat hij hogerop kwam. Binnen een aantal jaar werd hij expert op het gebied van cybersecurity bij de Amerikaanse nationale veiligheidsdienst NSA. Dit gaf hem toegang tot enorme hoeveelheden geheim materiaal. Maar hoe meer hij over de handelwijzen van de NSA te weten kwam, des te groter werd zijn aversie hiertegen. Hij begon geheime documenten te kopiëren, met als doel de wereld te laten zien wat de NSA in werkelijkheid deed.

In de reeks publicaties in The Guardian, geschreven door Greenwald, leverde Snowden het bewijs dat de NSA jarenlang op enorme schaal internet- en telefoniedata opsloeg, glasvezelkabels aftapte, wereldleiders afluisterde en bedrijven zoals Facebook, Yahoo en Google hackte om aan persoonlijke informatie van hun gebruikers te komen. Die bedrijven dachten dat ze alleen specifieke informatie afgaven aan de NSA nadat ze daartoe een gerechtelijk bevel hadden gekregen, maar in werkelijkheid tapte de NSA ‘via de achterdeur’ gewoon alle informatie af, zonder dat de internetbedrijven dat wisten.

Snowden was niet bang voor de implicaties van zijn handelen: hij wist dat hij door de VS als misdadiger bestempeld zou worden. Maar het hogere doel dat hij ermee diende, had hij steeds duidelijk voor ogen: “Uiteindelijk is [de regering-Obama] niet bang voor klokkenluiders zoals ik, Bradley Manning of Thomas Drake. Wij zijn staatloos, gevangengezet of machteloos. Nee, de regering-Obama is bang voor jou. Ze is bang voor een geïnformeerd, boos publiek dat de grondwettelijke regering krijgt die het verdient, en terecht.”

Race tegen de klok
De verslagen in beide boeken komen grotendeels overeen. Het zijn gedegen reconstructies – niet meer en niet minder – van een affaire die op zichzelf al tamelijk spectaculair is. In De Snowden Files is er wat meer aandacht voor de jonge Snowden, over zijn jeugd Maryland en over hoe zijn ambities op het gebied van cyberonrecht groeien tijdens zijn verschillende banen als analist en controller bij grote ICT-bedrijven. Vooral de eerste hoofdstukken lezen als een avonturenroman, met Snowden als de Indiana Jones van het internet en de NSA als klassieke bad guy. De dialogen tussen de onbevreesde eindredacteur van The Guardian en de ontredderde persvoorlichters van de NSA lijken zo uit de populaire Amerikaanse serie “The Blacklist” te komen. Jammer genoeg beginnen de afkortingen, de cijfers en het jargon je halverwege het boek te duizelen en verliest het boek aan overzicht, en daarmee aan spanning.

De Afluisterstaat heeft dezelfde opwindende sfeer, maar dan verteld uit eerste hand. Het is persoonlijk en (wellicht daardoor) wat kritischer van toon. Verder zijn beide werken – niet alleen qua inhoud, maar ook qua stijl en opbouw – opvallend eenduidig en voegen ze helaas weinig aan elkaar toe. Het moet een race tegen de klok geweest zijn voor beide auteurs om hun versie te publiceren.

Privacydebat
“Ik ben tijdens dit alles maar voor één ding bang: dat de mensen bij het zien van die documenten hun schouders ophalen en zeggen: ‘Het verbaast ons niets en het kan ons niet schelen.’ Het enige waar ik bang voor ben is dat ik mijn leven voor niets in de waagschaal stel,” zei Snowden tegen Greenwald nadat The Guardian het eerste artikel over de NSA had gepubliceerd. Deze angst blijkt gelukkig ongegrond. Snowdens onthullingen ontketenden een mondiaal privacydebat dat voorlopig niet van de nationale en internationale politieke agenda zal verdwijnen.

“Dat is nog eens een inspirerende les voor toekomstige klokkenluiders: de waarheid spreken hoeft niet te betekenen dat je leven voorbij is,” stelt Greenwald optimistisch in de epiloog zijn boek. Intussen woont Snowden nog steeds in Moskou, met een eenjarig visum dat hij van Rusland kreeg. Hij kan nergens anders meer heen, sinds de Amerikaanse autoriteiten zijn paspoort in beslag namen. Of hij terecht kan in een van de andere landen waar hij een asielaanvraag indiende, is nog onduidelijk. Snowden is gevangen en vrij tegelijk; maar, zo weten we inmiddels, daarin onderscheidt hij zich niet van ieder ander.